Ik kijk naar eat pray love op Netflix. Ik heb deze film al honderd keer proberen te kijken, maar ik heb ‘m nog nooit afgekeken. Ik hou van Elizabeth Gilbert en Julia Roberts mag er ook wezen, maar op de een of andere manier kon de film nooit lang mijn aandacht houden. Behalve vanavond. Behalve dat ik nu 28 jaar ben, naar de 30 toe ga en niet gelukkig ben in het leven dat ik nu leid. 

Al de hele dag en eigenlijk al de hele week, kibbelen mijn vriend en ik met elkaar. Ik voel dat er, los van mijn eigen perikelen, ook van alles door hem heen gaat, maar hij stopt het weg. Hij is zwijgzaam op de manier zoals ik hem alleen aan het begin van onze relatie ken; ruim 9 jaar geleden.

Ik zie hoe Liz in de film worstelt met zichzelf en langzaam toegeeft dat het leven dat ze aan het leiden is niets voor haar is. Dat ze de dromen die ze voor zichzelf koesterde, weg had gestopt. Letterlijk. Al haar dromen zaten in een doos vol reisboeken en reisartikelen van plekken waar ze nog graag naar toe wil, maar steeds maar niet de stap neemt om ook daadwerkelijk te gaan. Want: echtgenoot, want: moet ik nu onderhand geen kinderen krijgen?, want: thuis is een fijn, veilig vangnet van familie en vrienden, want: wat moet ik daar dan?

Ik zie Julia Roberts die de schrijfster Elizabeth Gilbert speelt, maar tegelijkertijd zie ik mezelf. Ik zet de film op stop, leg de iPad weg en ga even plassen. In tijden van nood is plassen altijd een goed idee.
Ik kom de wc uit en ik zie mijn vriend op de bank liggen, hij was al die tijd een boek aan het lezen. Ik kondig aan dat ik iets wil zeggen. Hij legt na een paar regels verder lezen zijn boek weg (de regel is: niet stoppen in het midden van een zin) en kijkt me aan. Mijn woorden komen er maar moeilijk uit, nee wat zeg ik: ze komen er niet uit. Ik staar hem als een halve gare aan. Ik durf het niet te zeggen. “Ik ga iets groots zeggen,” begin ik. Gespannen kijkt hij me aan. Soms begon ik zo om te zeggen dat ik verliefd was op een ander, maar deze keer gaat het om iets anders. Of, misschien is wat ik wil zeggen wel precies hetzelfde. “We moeten eerlijk naar onszelf blijven. Dit, dit leven,” ik wijs om me heen, “hoe mooi ons huis ook is, dit is het niet. Dit is niet waar we beiden voor gemaakt zijn. Waarom we naar deze aarde gekomen zijn.” Ik durf in de we-vorm te spreken omdat mijn vriend net zo’n avonturier is als ik en net zo graag de hele wereld wil zien als ik. 
“We kunnen dit de rest van ons leven blijven doen, maar dan gaat de relatie sowieso uit.” Hij knikt, hij begrijpt waar ik het over heb.

We zijn een grote droom die we hebben aan het wegstoppen en als er niet meer naar een droom geluisterd wordt, ebt al het leven in jezelf en daarmee ook de liefde voor jezelf en een ander, weg.

 

 

“Vroeg of laat vraagt onze droom van ons om hem te volgen, we zijn allebei mensen die onszelf niet kunnen ontkennen, maar dan gaan we geloven dat we dat alleen in ons eentje kunnen doen omdat we al zo lang met de ander vast zaten in een leven dat we niet wilden leiden.” Hij knikt weer. Ik baal ervan dat ik degene moet zijn die deze belangrijke woorden uitspreekt, maar ik besluit niet mee te gaan in die stomme ego-gedachte. Mijn vriend doet andere dingen in onze relatie die ik niet zo goed kan. “Ik stel voor dat we beginnen met sparen om samen te gaan reizen. Dus niet dat we alweer (zoals afgelopen zomer) een reis in ons eentje maken, maar nu wel echt samen. En laten we dan opzoek gaan naar een plek waar we wel zouden willen wonen. Al is het maar voor een paar jaar. Je hebt me al meerdere keren verteld dat je dat nog eens wilt proberen in je leven. En… Ik weet dat jij niet met me naar Amerika wilt, maar dan wil ik graag als eerst naar Canada gaan. Met als eerste stop Novia Scotia omdat je daar van die prachtige ‘primitive art’ hebt, zoals van Maud Lewis.” Dit gesprek hebben we stiekem al een paar keer gevoerd, maar de toon die onder mijn woorden ligt wordt steeds serieuzer.

We praten nog even verder. Ook hij geeft toe dat hij de laatste tijd dacht aan het verbreken van de relatie omdat hij niet weet hoe hij zijn leven zo kan ombuigen dat het pad weer recht uit zijn hart, in plaats vanuit zijn hoofd, komt stromen. “Dus dat wat juist het allermooiste is in ons leven, wil je verbreken?” Ik zeg het spottend van schrik, maar ik herken maar al te goed zijn gedachte. Ik schrik ervan als hij het hardop zegt, maar ik weet hoe belangrijk de waarheid is om de liefde tussen ons weer aan te wakkeren. Door het onuitgesprokene lucht te geven, wordt die extreme, enge gedachte lichter.

“Afgelopen zomer, in Amerika, heb ik iedere dag gedacht: als ik hier dood zou gaan, zou ik het niet erg vinden. Want ik leef. Maar hier, hier zou ik het zo erg vinden, liefje…” De tranen wellen op in mijn ogen. “Want hier leef ik niet. Niet echt. Hier geef ik mijn werk álle ruimte, maar niet alles dat ik ook nog ben náást mijn werk. De natuur-Anne, de bergen-Anne, de dieren-Anne, de ik-heb-een-droom-voor-een-mooi-huisje-in-de-natuur-Anne, de ik-hou-van-de-Engelse-taal-Anne vraagt meer en meer om aandacht. Ik kan haar niet langer negeren. Ik wil meer dan de sporadische vakanties en reizen die we maken.” “Oké, maar wat moeten we dan? Wat nou als we daar iets vinden? Hoe gaan we daar geld verdienen? En kunnen we dan wel tickets naar huis toe kopen? En hoe vaak zien we onze familie?” Mijn ‘man’ is van de praktische kant en daar ben ik ook blij mee, maar hij stelt vragen die alleen in de toekomst leven, evenals de antwoorden. “Daar zijn we nog lang niet,“ antwoord ik, “wie weet willen we nog niet eens daar wonen of komen we wél altijd terug naar ons mooie huis in Nederland. Maar we moeten deze stap gaan nemen, deze grote stap in het zwarte gat weer, omdat het antwoord op de leegte in ons mag groeien. We mogen deze stappen zetten om kleine delen van het grotere antwoord te verzamelen.”

We gaan naar bed, maar ruim een uur lang kan ik niet slapen. Hij wil ook naar Canada, zegt hij, maar we zijn beiden bang. Natuurlijk zijn we bang. Ik leg mijn hand op mijn hart en op mijn buik en voel hoe het leven door me heen raast: angst, verdriet, maar ook nieuwsgierigheid en hoop. Wij kunnen dit. Nog voordat ik in slaap val denk ik: ik sta een nieuw, mooi leven toe, vol avontuur. Ik sta mezelf toe om de wereld te ontdekken. Ook als ik daar wat offers voor moet maken, zoals Elizabeth Gilbert in Eat Pray Love. Ik heb maar één leven en ik ben niet van plan om die NIET vol te stoppen met het verwezenlijken van de dromen die ik heb. Mijn reis naar Amerika waarin ik afgelopen zomer anderhalve maand alleen door het land reisde, was ook de beste keuze ooit. Mijn pelgrimstochten waren de beste keuze ooit. En nu zal ook deze reis heel bijzonder worden. Voor het eerst met mijn lief.

Welke droom heb jij voor jezelf die je wegstopt? Omdat het normale leven van alledag het overneemt? 
Herken je het dat je ruzie gaat maken met je partner als je jezelf niet meer hoort?

Het praktiseer je eigen wijsheid spel (dé manier om je eigen stem en verlangen weer te horen) is, naar verwachting, vanaf 17 december weer verkrijgbaar. Je kunt hem nu al in de pre-sale bestellen om een exemplaar te verzekeren. 

Ander nieuws: het boek Zinvol Rouwen komt naar verwachting op 20 februari uit tijdens de maand van de spiritualiteit. (Dan al? Ja!)

Short read: boekentip – Belonging van Toko-Pa Turner

Er zijn boeken die je hart en je hoofd 180 graden laten draaien. Ze breken je zo open dat je er ineens achterkomt dat dít je natuurlijke staat van zijn is en niet hoe je al jaren, dag in-dag uit, geleefd hebt. Goed, je was aardig op weg, maar dit? Dit had je niet zien...

Short read: de stroming van binnen

Beeld: Harald Sohlberg - The Mermaid - 1896  In het Engels, zeg je, als je naar een rivier kijkt: a body of water. Ik heb dit altijd zo mooi gevonden. Ook wij hebben met ons lichaam dat voor ongeveer 60% uit water bestaat, een 'body of water'. Native Americans geloven...

Short read: Boekentip – Ongetemd leven – Glennon Doyle

Goede schrijvers geven me woorden voor alles in mij wat onduidelijk, vaag en onbestemd is. Met iedere pagina die ik omsla, vallen mijn zwevende, zoekende gevoelens op hun bedoelde plek. Met ieder woord dat ik lees, word ik meer en meer mezelf. Het is alsof ik met alle...

short read: De pijnlijke prijs van je eigen waarheid volgen

Op de middelbare school had ik een lief clubje vriendinnen. Ik hield veel van ze, ik kende ze immers al van de basisschool, maar vaak stond ik er maar een beetje bij. Hele pauzes gingen er voorbij waarin ik amper een woord gezegd had. Ik hield me met andere dingen...

Short read: Leren rusten

Een heel leven lang dacht ik dat ik moest werken (aka forceren, initie?ren, verzetten, duwen) om iets gedaan te krijgen. ‘Als je er niet voor gaat, gebeurt er niks’, wordt in onze cultuur onderwezen. ‘Work hard, play hard.’ ‘Wil je iets? Ga er dan voor.’ ‘Just do it.’...

Verliefd op een ander: scheiden of blijven? (long read)

Zo vaak heb ik het 'zeker geweten'. Ik was smoorverliefd op een ander en ik 'wist' dat dit maar één ding kon betekenen: ik zou en moest mijn relatie verbreken. Het verlangen naar de ander was te groot om in het geniep te moeten verdragen. En te wachten tot het vanzelf...

Hoe complex vreemdgaan is (Long read)

Op de Camino de Santagio (pelgrimstocht), in een dure hotelkamer, stond ik naast een knappe Spanjaard die de twee weken daarvoor dolverliefd op me was geworden. Ik was ook verliefd op hem, dacht ik, maar daar op die hotelkamer begon ik te twijfelen over mijn...

Vroeg of laat moeten we hier allemaal aan geloven

Ik wil eigenlijk al gelijk met de deur in huis vallen: we ontkomen er in ons leven niet aan om dingen mee te maken waar we absoluut niet op zitten te wachten. Mijn broer Robin kreeg op 28-jarige leeftijd te horen dat hij een ziekte had die hij hoogstwaarschijnlijk...

Het beest in mij

Mijn zomerjurkjes zijn gestreken en mijn mascara zit er keurig op. Ik ben schoon, geschoren en mijn ochtendadem is dankzij de tandpasta verdwenen. Op mijn rekening staat precies voldoende, het huis is opgeruimd, ik kus mijn vriendje op zijn hoofd tussen thuis-werken...

Een constant ‘stressgevoel’

In 2012 stond ik op een ochtend op met een gestrest gevoel in mijn lijf, niet wetende dat dit afgrijselijke gevoel nog 2,5 jaar lang aan mijn lichaam vast zou zitten. Tevens realiseerde ik mij toen op die ochtend ook nog niet, dat ditzelfde gevoel me tot wanhoop zou...