Hij zit wat onhandig op zijn fiets. Een mooie, dure Koga fiets behangen met fietstassen die we van mijn broer geërfd hebben. Hij kijkt me vragend aan: “Nu?” De buren zie ik ineens uit hun achterdeur komen om hem uit te zwaaien. Godverdomme, ga weg, denk ik. Dit moment is niet voor jullie, dit is een belangrijk moment voor ons. Snappen jullie dat niet?

 

Al vanaf gistermiddag ben ik aan het huilen en ik stop niet meer. Ja, nu even, omdat die stomme (lieve) buren daar staan.
Ik weet niet precies waarom ik begon met huilen. Ik vind er niet de juiste woorden voor. Het komt uit een kern van mij. Het voelt groots, bijna te groot om aan te kunnen. ‘Een woordenloze pijn’, noem ik dat in mijn praktijk. Het is de vooravond van een heilige thuiservaring als je hem volledig durft te ervaren. Dat wéét ik, omdat ik het al honderd keer ervaren heb, maar steeds weer, net als nu, is het toch best wel heftig.

Ik realiseer mij goed dat ik hem straks twee maanden niet meer zie en dat we beiden in een groot, zwart gat zullen stappen. Zodra hij zijn beiden voeten op de trappers zet, zodra hij zijn blik van mij afwendt, rijdt hij zijn eigen zwarte gat in. En ik, over een paar dagen, vlieg door mijn eigen zwarte gat, dwars door naar Amerika.

 

Mijn overleden broer Robin heeft mij ooit geleerd dat als je als mens in een zwart gat terecht komt, je lichaam als een spaghettisliert uit elkaar getrokken wordt. En dat die twee delen, weer worden verdeeld in twee delen, en die vier delen worden dan ook weer verdeeld tot acht delen, … tot er niets meer van je lijfje overblijft. Ik vond dit toen al een akelig verhaal. “Maar, één schrale troost,” zei hij toen, “het gaat razendsnel. Je bent dood voordat je weet wat er gebeurt.”

In de ruimte heb je zwarte gaten, maar ook in het leven zelf. De dood is een heel groot zwart gat waar niet alleen degene die doodgaat, maar ook de nabestaanden in terecht komen. Als iemand waarvan je zielsveel houdt sterft, komt niemand er levend uit. Niets is meer hetzelfde. 
Grote, verre reizen maken in je eentje of samen met iemand anders, kunnen ook zwarte gaten zijn. Of, een eigen bedrijf starten, of… Ach, alles waarvan je overlevingsdeel het idee heeft dat het levensgevaarlijk is. Dat de dood al in je nek aan het hijgen is en zijn vlijmscherpe zeis op je schedel krast. Gewoon omdat je niet weet wat er komt en het overlevingsdeel zijn gevaren wil kunnen inschatten. 

 

“Nu dan?” Ik zie mijn lief maar zelden zo. Hij is bang, ik zie dat hij bang is. Ik weet zeker dat hij bang is.
“Ga maar, schatje.” Ik geef nog één kus en hij wendt zijn blik naar voren. Hij fietst weg. Zijn verstand fietst weg, zijn gevoel blijft achter.
“Fijne reis!” Roepen mijn buren vrolijk. En direct draaien ze zich om naar mij. “Ach, Anne…” Zeggen ze, een beetje lacherig. Ik glimlach als een boer met kiespijn en verbaas me over de (niet bedoelde) spot in hun stem. Ik loop naar binnen om via het raam bij de voordeur te kijken hoe mijn vriend de grote weg voor ons huis op fietst. Ik begin te huilen. Wat nu als hij nooit meer terugkomt? Wat nu als dit de laatste keer is dat ik hem zie?

Ik loop naar de slaapkamer, doe het raam dicht en sluit de gordijnen zodat de buren mij niet kunnen horen of zien. Wat nu als dit de laatste keer is dat ik hem zie? De zin blijft door mijn hoofd malen en ik val in een bodemloze put in mezelf. Ik blijf maar huilen, zonder eind, en alles in mijn buik en hart doet ongelooflijk veel zeer. Ik wil hem niet kwijt…

Een deel van mij is bewust aanwezig bij wat er gebeurt en weet dat wat ik nu voel, héél belangrijk is. Ik mag nu geen afleiding zoeken, ik mag dit helemaal voelen. Dit is ‘het echte werk’, zoals mijn moeder het noemt.

 

 

 

 

 

 

Toch pak ik mijn telefoon om foto’s te sturen van zijn afscheid naar mijn en zijn familie. Ik maak een foto van mijn benen en vertel dat ik maar blijf huilen. Niet per sé om aandacht, maar omdat ik ook de schoonheid van de situatie kan inzien. Ik blijf een kunstenaar, hè.

Alleen mijn moeder weet hierop te reageren. Ik zie dat ze nadenkt, want ze typt en stopt steeds weer. Twee minuten later komt ze op de woorden: “Oh Anne, dit is een groot moment.”

Ik leg mijn telefoon weer weg. Ik heb steun in deze pijn ontvangen. Mijn moeder staat naast mij. En nu verder.

 

Ik blijf liggen en huilen en ik realiseer me al gauw dat ik voor de rest van de dag zo zou kunnen blijven liggen met de gordijnen dicht en dat de gedachte hij gaat dood, me niet helpt om verder aan mijn dag te beginnen. 

Mijn wakkere, bewuste deel begint te spreken en vraagt: “Anne, wat is de realiteit?”

Ik: “Dat ik helemaal niet zeker weet of hij dood gaat of niet.
De realiteit is ook dat dood overal kan gebeuren. Ook als je niet op reis gaat. De dood komt wanneer het je tijd is.

Daar kies ik voor om in te geloven.
En: het voelt zo goed om te gaan, voor ons beiden. Om apart van elkaar deze reizen te maken. Een drama-deel in mij jammert, maar een sterk, wijs deel in mij zegt: Ja, love birds, ga maar.
Daar mogen we in geloven.

En datzelfde gevoel zegt dat er een grote kans is dat we beiden heelhuids thuiskomen. Maar ook dat weet ik niet zeker.

Feit is: ik weet het niet. Feit is: we houden zielsveel van elkaar en ik hoop/ik wens dat we nog samen lang en gelukkig zullen leven. Met baby’s en een hond.”

 

Ik zie dat ik een keuze heb:
of ik ga mee met de angst,
of ik kies voor de realiteit.

Drie keer raden waar ik voor koos.
(Waar zou jij voor kiezen?)

Ik kies voor de gedachte die mij iets verlicht en mij weer in beweging brengt.
Ik kies voor de realiteit. Ik kies voor: ik weet het niet.

 

Ik voel dat mijn aandacht uit gaat naar mijn eigen reis en ik pak mijn reisschema erbij om wat verdwaalde vragen die ik heb in mijn hoofd beantwoord te zien krijgen. Mijn hartzeer blijft, maar mag er zijn. Voordat ik in slaap val van alle zojuist ervaren gevoelens, typ ik een berichtje naar mijn vriend. Dat kan in deze tijd. (9 jaar geleden toen we elkaar leerden kennen en hij een half jaar naar Zuid Amerika vertrok, kon dat nog niet! Toen schreven we BRIEVEN! naar elkaar!)

Ik word wakker en ik vraag aan mezelf hoe het met me gaat.
“Beter, maar ik voel de pijn nog steeds in mijn buik. Wees lief voor me, asjeblieft.”

En zo begonnen mijn lief en ik, beiden aan onze zwarte gaten. We werden gelijk emotioneel, meedogenloos, hatsikidee, aan flarden gescheurd. Tot er niets meer van ons overbleef.

“Maar, één schrale troost,” zei mijn broer ooit, “het gaat razendsnel. Je bent dood voordat je weet wat er gebeurt.”
Oftewel, één schrale troost, het nieuwe leven komt eerder dan je denkt. Het nieuwe leven haalt je met gemak in en trekt je mee in al het moois dat het te bieden heeft.

 

Fijne zomer, mooie jij. Heel veel succes met het volledig ervaren van ieder zwart gat waar jij in terecht komt. En weet, dat zodra je bij die ‘woordenloze pijn’ komt, dat je goed zit. Dat er iets moois aan de andere kant te wachten staat. Power to the black hole!

Heel veel liefs en tot de volgende keer. In Amerika, of nog even thuis (want door alle readingen van de afgelopen tijd, krijg ik heel veel mooie boodschappen door die ik echt heel graag tot verhalen wil schrijven!)

 

Ik neem tijdelijk geen nieuwe readingen aan. Het succes en jullie enthousiaste reacties overweldigen me en ik heb tijd nodig om de laatste readingen af te ronden, mijn reis voor te bereiden en om daar, letterlijk en figuurlijk, te landen. Ik wil in Amerika voelen of ik er ruimte voor wil maken. Daar volledig aanwezig zijn, klinkt ook best fijn. Hoe graag ik dit werk ook doe, ik moet mijn eigen vakantie een beetje bewaken geloof ik voor mijn eigen liefde en vuur voor het vak.

Op deze website en in mijn brieven zal ik aan je laten weten wanneer je weer een reading voor jezelf kunt aanvragen.
Want, ik doe het heel graag. En jullie reacties van ontroering zijn goud waard. Ik hou zo van ontroering, het is de stem van het hart die dan begint te spreken

We ontmoeten de ander om een reden

We ontmoeten de ander om een reden

Soms ontmoeten we iemand die zo'n diepe indruk op ons achterlaat, dat we in één klap uit ons alledaagse doen geslagen worden. Ruim tien jaar geleden zat ik op een vies dixietoilet op een festival in Zuid-België. Ik kon toen nog niet vermoeden dat mijn leven op het...

Lees meer

Meer van dit? Meld je aan om deze blogs in je eigen mail te ontvangen! Dat is toch veel leuker? (Vind ik wel.)